Sevilla, hoe kunnen we in het kort haar lange geschiedenis vertellen. Door haar verbinding met de zee via de rivier Guadalquivir was Sevilla zo'n 600 jaar lang een bloeiende stad met veel handel. In 1700 verzandde de rivier en trok de handel voor een groot deel naar Cadiz. Maar veel van de rijkdom van toen is terug te vinden in de verschillende delen van de stad bijvoorbeeld in Santa Cruz, de oude joodse wijk met een wirwar van witgeschilderde straatjes. Hier vindt u de kathedraal met La Giralda, de Moorse klokkentoren, die u kunt beklimmen en vanwaar u een prachtig uitzicht heeft over de stad. Het Palacio Arzobispal, de Koninklijke Paleizen, Real Alcázar, het Hospital de los Venerables en de Archivo de Indias, het beursgebouw ten tijde van de verovering van Zuid Amerika. Ook 's-avonds is het de moeite waard door Santa Cruz te slenteren; de barretjes en restaurantjes trekken veel gasten en het is er altijd gezellig druk. De wijk El Arenal ligt aan de Guadalquivir met daarlangs een fraaie promenade. Hiervandaan vertrekken boottochten over de rivier. In El Arenal staat de Plaza de Torros de la Maestranza, een van de oudste arena's van Spanje. Ook een bezoek waard is het Hospital de la Caridad, een barokke kerk met schilderijen van beroemde meesters als Murillo en Valdés Leal. En een van de bekendste monumenten is de Torre del Oro, een gekanteelde Moorse toren die de haven moest beschermen. De Puente de Isabel II komt u tegen in de wijk Triana. Tevens vindt u hier de fraai gerestaureerde kerk Iglesia de Santa Ana uit de 13de-eeuw. Sevilla verpersoonlijkt zoveel Spaans karakter, biedt zoveel variëteit aan artistieke rijkdom, bezit zoveel charme dat men haar het kenmerk van Spanje is gaan noemen. Het is de bakermat van veel Spaanse kunst en cultuur, o.a. van de Spaanse Flamenco.